Twee nieuwe soorten!

September is eindelijk begonnen. Tijd om met ijdele hoop de telposten te bemannen. In augustus is het vaak nog rustig op de telpost maar september brengt gezonde spanning en gezichten die je sinds het voorjaar niet meer hebt gezien. Mijn tijd is helaas gering maar de laatste twee bezoekjes aan mijn favoriete telpost leverde me twee nieuwe NL soorten op. Hieronder een kort verslag.

De ochtend in Engbertsdijksvenen

Het eerste bezoek aan telpost Engbertsdijksvenen Zuid was een ingeving en samen met een vriend stonden we ’s avonds te wachten op één of meerdere visarenden. Maar er stond geen zuchtje wind en er vlogen nauwelijks vogels. De visarend heeft zich die avond niet laten zien. Net zoals geen enkele andere rover. Het is volgens mij de eerste keer dat ik het gebied heb verlaten zonder een roofpiet te spotten. Maar niet alleen de rovers lieten het afweten. Geen enkele graspieper, boompieper of zelf kneu liet zich zien. Qua aanbod leek het net winter… enkel rietgorzen. Maar soms (heel soms) betalen die saaie uurtjes zich plots in veelvoud uit.  Uit het niets verscheen er een groepje van 14 zangertjes boven de telpost. Luid kwetterend met een spring-achtige vlucht. De vogels verdwenen naar zuid en draaien een rondje rondom de plas. Waarschijnlijk op zoek naar een slaapplaats. We keken elkaar verbaasd aan en ik riep buidelmees. Na wat overleg en deductie bleven er geen andere opties over. Het Nederlands record van 7 was in een klap verdubbeld.

Vanochtend ging ik opnieuw met hoge verwachtingen naar de telpost. Net voor mijn vertrek verbeeld ik me vast welke soorten er allemaal over de telpost gaan komen. Niet dat het ooit gebeurt maar het geeft me een heerlijk gevoel. De soort van vanochtend was de ortolaan. Maar je raadt het al. We hebben geen ortolaan gezien of gehoord. Maar er vloog in ieder geval meer dan de vorige keer. Vooral de boompieper deed het uitstekend. In totaal kwamen er 30+ exemplaren over. Engbertsdijksvenen is een van die telposten waar je helaas geen zwaluwen kunt tellen. Het is een komen en gaan van zwaluwen. Boeren-, huis-, oever- en gierzwaluwen vliegen in groepjes van noord naar zuid en andersom. Dit maakt het dus onmogelijk om échte schattingen te maken over de aantallen. Het loopt in ieder geval in de duizenden. Dankzij de moderne techniek hoorden we al snel dat een nabijgelegen telpost een notenkraker had gespot. We hadden zelf nog geen notenkraker gezien maar de adrenaline steeg. Wat zou de dag voor ons in petto hebben? Na een bruine kiekendief zagen we al snel de eerste nazomerse blauwe kiekendief. De witte stuit sprong eruit en de vogel was alles behalve rank. Een mooie ringtail blauwe.  Maar het mooiste moest nog komen. Er vloog een forse pieper over de telpost die zijn mus-achtige roep meerdere keren prachtig liet horen, duinpieper.

De bezetting op de telpost tijdens de overvlucht van de duinpieper

Zowel buidelmees als duinpieper zijn nieuwe soorten voor me. Beide geen mega zeldzaamheden maar het waren soorten waar ik niet teveel kilometers voor wilde maken. Ze zijn in Twente zeldzaam maar niet onmogelijk. Je moet er echter wel geduld voor hebben. Het kan maar zo enkele jaren duren voor je ze treft. Des te meer reden om tevreden te zijn met deze nieuwe soorten. Zeker nu ze niet alleen op mijn NL lijst staan maar ook op mijn Twente/OV lijst.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s