Weinig aantallen maar leuke krenten

De voorjaarstrek is nog steeds niet op gang gekomen. In Zuid-Europa is het slecht weer en de wind blijft de vogels parten spelen. Qua aantallen is het, met uitzondering van de kolgans en kraanvogel, een verloren voorjaar. Maar dat betekent niet dat er nog steeds leuke krenten door het land vliegen.


Afgelopen zaterdag stond ik rondom half acht op trektelpost noord Engbertsdijksvenen. Ondanks het constante gejammer van de kokmeeuwen blijft het naar mijn mening de beste telpost van Twente. Het uitzicht is subliem en bijna de enige plek in Twente waar de steltlopers in aantallen doortrekken. Enkele minuten na mijn aankomst trok de eerste groep van negentien bosruiters langs de telpost. Door een groep groenpootruiters te volgen kreeg ik een kleine vogel met een flinke wenkbrauwstreep in de peiling. Het was de meest Christelijke vogel van Nederland, het paapje. Een week eerder trof ik vijf paapjes in het Haaksbergerveen. In het hoogveen begonnen twee sprinkhaanzangers te zingen en een adult vrouw slechtvalk vloog met een flinke vaart over het gebied. De geoorde futen en kuifeenden zochten hun toevlucht onder het wateroppervlak. Inmiddels was ik niet de enige op de telpost en na wat speurwerk ontdekte ik een gehavende zwarte wouw. Er ontstond enige verwarring aangezien er bruine kiekendieven door het luchtruim vlogen maar uiteindelijk hadden we allemaal dezelfde vogel in de kijker. Tien minuten later vloog er een roodkeelpieper luid roepend over de telpost.

’s Avonds zat ik heerlijk op de bank toen de telefoon ging. Het was Bert Haamberg en hij had een poelruiter ontdekt in het Haaksbergerveen. Wat een knaller, en een verdiende vondst voor iemand die veel tijd in zijn hobby steekt. Enkele weken eerder zag ik een poelruiter in Zwolle maar deze Twentse was natuurlijk veel mooier. Met een flinke vaart vertrok ik richting het veen en 25 minuten later zag ik mijn eerste Twentse poelruiter. Met de ondergaande zon was het net een levend schilderij. Slechts een uur later vloog de vogel al op.

Op diezelfde zondag werd er een bruinkeelortolaan ontdekt in het noorden van Nederland. Door verplichtingen in de middag moest ik deze soort helaas laten schieten. Mijn hoop dat de vogel opnieuw ontdekt zou worden bleek naïef. Voor de zekerheid vertrok ik op de maandag vast richting het noorden. Er moest nog wat werk worden verzet rondom Kampen en dat kwam prima uit. Langs het Vossemeer werd ik op mijn wenken bediend. Een juveniele zeearend zat op ongeveer 150 meter in een dode boom. In de rietkragen van het Vossemeer trof ik sprinkhaanzanger, rietzanger, snor, kleine karekiet en aantal baardmannetjes. Na wat speurwerk een prachtige buidelmees en een paar kilometer verder zongen meerdere nachtegalen en twee grote karekieten.


Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s